Blog

8 augustus 2018 | Vertrouwen

Jörg Sauer Jörg Sauer Via mijn blog wil ik met jullie delen wat mij bezig houdt over diverse onderwerpen, maar ik wil jullie ook aanzetten tot nadenken en misschien wel een reactie ontlokken�.�
blog email jorg.sauer@vhp2.nl

In de afgelopen tijd sprak ik aan de onderhandelingstafels regelmatig met  werkgevers over het onderlinge vertrouwen. Ik raak er namelijk steeds meer van overtuigd dat je zonder wederzijds vertrouwen aan de onderhandelingstafel niet tot goede en duurzame afspraken kunt komen. Vertrouwen is helaas een containerbegrip en het woord wordt dan ook regelmatig verschillend geïnterpreteerd. In mijn optiek gaat er vooral om naar elkaar uit te spreken waarin je de ander kunt en wilt vertrouwen. Een voorbeeld maakt dat wellicht duidelijk: Je kunt de buurvrouw wel vertrouwen dat ze een pakket van je goed in bewaring neemt maar je zou haar misschien niet vertrouwen dat ze een geheim dat je haar vertelt niet door vertelt.

Vertrouwen uit zich in de mate waarin iemand betrouwbaar is. Betrouwbaarheid hangt met 3 zaken samen:

  1. Bekwaamheid
  2. Eerlijkheid
  3. Op iemand aan kunnen (je afspraken nakomen)

Zoals ik aan het begin van mijn blog al schreef, heb ik met diverse werkgevers over het onderlinge (gebrek aan) vertrouwen gesproken. Vaak worden dan aan beide kanten van de tafel voorbeelden aangehaald waarbij het onderlinge vertrouwen werd geschaad. 

Aan de tafel spreken we dan vaak uit dat we elkaar in de toekomst vooral moeten vertrouwen. Persoonlijk vind ik vertrouwen belangrijk indachtig het gezegde “Vertrouwen komt te voet en gaat te paard”. Ik vraag me wel steeds meer of je met elkaar concrete afspraken moet of kunt maken waaruit het onderlinge vertrouwen blijkt. De andere optie is dat we het laten bij het uitspreken van de intentie je als betrouwbare partner te gedragen.

Ik neig er steeds meer naartoe om met de werkgevers afspraken te maken waaraan je elkaar kunt houden en waaruit je de betrouwbaarheid van de ander kunt afleiden.

Niet voor niets wordt een Cao regelmatig als “boekwerk van gestold wantrouwen” betiteld. In tijden waarop belangrijke Cao afspraken over bijvoorbeeld “Employability” niet meer heel eenvoudig in duidelijke rechten en plichten kunnen vastgelegd wordt het belangrijker om in een Cao met een kaderafspraak te kunnen volstaan. Dat in het vertrouwen dat de managers en de werknemers in de geest van de gemaakte afspraak zullen handelen.    

Mijn voornemen voor het nieuwe Cao seizoen is om het onderlinge vertrouwen aan de orde te stellen. Daarbij wil ik op zoek naar concrete afspraken waarop we elkaar kunnen aanspreken en waaruit blijkt dat we ons als betrouwbare sociale partners hebben gedragen.

30 mei 2018 | Lonen: Komt in 2018 een loongolf?

Casper Vaandrager Casper Vaandrager
blog email casper.vaandrager@vhp2.nl

Als relatieve kleine vakorganisatie zit de VHP2 aan veel interessante en grote Cao-tafels: Bij onder andere Philips, KPN, Metalektro en namens onze zusterorganisatie Synergo-Vhp ook bij DSM.

In 2017 hebben wij op het gebied van loonstijgingen weinig gemerkt van de oplevende economie.  De gemiddelde loonstijging over 2017 bedroeg 1,8%. De inflatie in 2017 was 1,5% zodat er nauwelijks sprake was van toename van de koopkracht.

2018 belooft een ander jaar te worden. De gemiddelde loonstijging van de Cao’s die in april en mei 2018 zijn afgesloten bedraagt 2,5%. De psychologisch belangrijke grens van 2% is dus ruimschoots genomen. De Nederlandse Bank wees in 2017 al op het belang van stijgende lonen en voorspelde voor 2018 ook een stijging van de zogenaamde arbeidsinkomensquote: Dat is het percentage van het nationaal inkomen (netto toegevoegde waarde) dat dient als beloning voor de productiefactor arbeid (arbeidsinkomen). Voor het eerst in jaren is de verwachting dat deze zal stijgen van 72,3% in 2017 naar 73,4% in 2018.

De krapte op de arbeidsmarkt vormt ongetwijfeld een belangrijke factor voor de toenemende loonstijgingen. Van een loongolf zal echter zeer waarschijnlijk geen sprake zijn in 2018 omdat automatisering en robotisering de vraag naar arbeid onder druk zetten. Daarnaast is de grote hoeveelheid ZZP’ers een mogelijke oorzaak dat de lonen momenteel niet al te hard stijgen. Voor meer informatie lees dit artikel uit het FD.

Wij merken momenteel aan diverse Cao-tafels dat werkgevers ook nog erg terughoudend zijn met het aanbieden van een structurele loonsverhoging in lijn met de voorstellen van vakorganisaties. Bij Philips Lighting is een eindbod van 1,7% neergelegd en bij DSM stokken de voorstellen van de werkgever bij 2%. In de Metalektro liggen de eerste voorstellen van de werkgevers op 2,2% op jaarbasis. Die onderhandelingen zijn op moment van schrijven nog niet afgerond maar de richting is wel duidelijk. De 3,5% waar vakorganisaties op hebben ingezet is in 2018 zeer waarschijnlijk niet haalbaar maar een stap in de goede richting moet zeker mogelijk zijn. Voor 2019 zijn de verwachtingen, bij een verder toenemende schaarste op de arbeidsmarkt, hooggespannen. Het CBP doet een voorspelling van 3,2%.

Vooralsnog geen loongolf maar het ziet er toch sterk naar uit dat het personeel in Nederland steeds meer gaat meeprofiteren van het gunstig economische tij in Nederland.

 

 

3 april 2018 | Carrièrewending

Thérèse Beurskens Thérèse Beurskens
blog email Therese.beurskens@vhp2.nl

Een carrièrewending. Heb jij het wel eens overwogen? Je carrière een keer laten maken. Een draai. Betekent dat dan rechtsomkeer maken? Of een totaal andere richting? Iets totaal anders gaan doen? Een stapje hoger op de ladder of juist bewust een stap terug? Zomaar een greep uit de vragen die bij me opkomen als ik aan een carrièrewending denk. 

Duidelijk mag zijn dat het geen gemakkelijke materie hoeft te zijn en dat het voor de een mogelijk een non-issue is en voor de ander juist een big issue. Hoe het ook zij, flexibiliteit is in de huidige tijden een groot goed en ik durf te stellen dat er voor een carrièrewending flexibiliteit nodig is. Als arbeidsjurist zie ik vele werksituaties waarbij flexibiliteit van mensen wordt gevraagd. Vrijwillig, maar helaas ook gedwongen. Het is niet altijd gemakkelijk om jezelf weer opnieuw op het spoor te krijgen. Zeker als je nog niet helemaal weet waar het spoor naartoe leidt. 

Het houdt me bezig, de arbeidsmarkt van nu. De vele keuzes die we hebben. Het grote beroep op de eigen verantwoordelijkheid die wordt gedaan. Ook als volwassenen is het niet gemakkelijk daar mee om te gaan en door de bomen het bos te blijven zien. Ik zie mensen verheugd nieuwe stappen maken, ik zie mensen onzeker en angstig nieuwe stappen maken. Dat mag allemaal en het maakt ons werk zo belangrijk en bijzonder. 

Als VHP2 hebben we alles in huis om onze leden te begeleiden als het om carrièrewendingen gaat. Van juridisch advies tot uitstekende loopbaancoaching. Het maakt me trots werkzaam te zijn voor een organisatie die echter zelf ook wendbaar en flexibel moet zijn in veranderende tijden. Voor mij is wendbaarheid en keuzes hebben in ieder geval een absolute must om mijn carrière interessant te houden. 

Een zeer interessant boek over carrièrewendingen is het boek ‘Remotie. Een stap terug is een stap vooruit’ van Tanja Verheyen en Bob Vermeir. In dit boek wordt uitgebreid ingegaan op bijvoorbeeld situaties waarbij een werknemer een stap terug doet in zijn/haar carrière hetgeen voor diegene uiteindelijk een zegen blijkt te zijn. 

Ik ben benieuwd hoe jullie denken over wendingen in je carrière. Staan jullie hiervoor open, of hechten jullie aan de klassieke opwaartse lijn in de loopbaan? Laat het me weten op: 

Therese.beurskens@vhp2.nl.

 

 

 

 

23 oktober 2017 | Pensioenactualiteiten

Jörg Sauer Jörg Sauer Via mijn blog wil ik met jullie delen wat mij bezig houdt over diverse onderwerpen, maar ik wil jullie ook aanzetten tot nadenken en misschien wel een reactie ontlokken�.�
blog email jorg.sauer@vhp2.nl

Kort geleden had ik een overleg over de pensioenregeling bij CoorsTek in Uden (voorheen Philips Lighting Uden). Naast de vertegenwoordiger van het pensioenfonds PGB was ik de enige pensioendeskundige aan tafel.

Ik word elke keer heel enthousiast als ik over pensioen kan praten. Tegelijkertijd merk ik hoe lastig het is om deze ingewikkelde materie aan de meeste werknemers uit te leggen.Om het voor de aanwezigen tot de kern terug te brengen maakte ik een simpele quote: “Hoe meer geld je inlegt hoe meer pensioen je later eruit kunt halen.”Dat vond een van de deelnemers een mooie simplificering van de complexe werkelijkheid.

Natuurlijk is de rekenrente van belang om de waardering van de pensioenverplichtingen te bepalen en de stijging van de levensverwachting leidt ook automatisch tot een toename van de verplichtingen. Maar of je nu premie via een premiesystematiek inlegt of via een opbouwsystematiek maakt aan het einde niet zo heel veel uit. Vandaar mijn quote dat de hoogte van de inleg (en het rendement daarop) voor een overgroot deel de hoogte van de uiteindelijke pensioenuitkering bepaalt.

De discussie over de rekenrente en de manier waarop de premie wordt vastgesteld houdt de gemoederen al heel lang bezig.   Daarom ga ik nu in op de stand van zaken van het overleg binnen de SER over een nieuw pensioenstelsel.

  • In 2014 is aan de SER gevraagd om advies te geven over de Toekomst van het Pensioenstelsel.
  • In zijn eerste advies (februari 2015) onderzocht de SER een viertal pensioenvarianten gericht op versterking en ontwikkeling van het pensioenstelsel. De variant persoonlijk pensioenvermogen met collectieve risicodeling kwalificeerde hij als “interessant maar onbekend”.
  • De SER heeft dit nieuwe type pensioencontract vervolgens nader verkend en verder ingevuld in de Verkenning persoonlijk pensioenvermogen met collectieve risicodeling (mei 2016). Hij heeft dit pensioencontract ook vergeleken met andere varianten. De onbekende variant is zo meer bekend geworden en bleek nog steeds interessant.
  • Daarna is nog een tussenvariant onderzocht maar in het voorjaar 2017 is gebleken dat de partijen binnen de SER niet tot overeenstemming konden komen.

Het nieuwe kabinet heeft in het regeerakkoord tot afschaffing van de doorsneesystematiek besloten maar heeft de bal over de inrichting van een ander pensioenstelsel bij de sociale partners gelegd. Mijn verwachting is dat het nog enige tijd kan duren voordat de partijen hier uit komen, als ze dat überhaupt lukt.

Ondertussen is eind 2016 besloten om de pensioenrichtleeftijd per 1-1-2018 naar 68 jaar te verhogen. Dat betekent dat het pensioen dat men vanaf die datum opbouwt pas met 68 jaar tot uitkering komt. Uiteraard kan men ervoor kiezen om dat pensioen eerder te laten ingaan, maar voor elk jaar dat men het pensioen eerder laat ingaan wordt de pensioenuitkering voor dat deel dan met een bepaald percentage gekort (circa 6-8 % per jaar).

Voor oudere werknemers heeft deze aanpassing niet zoveel impact omdat deze groep het overgrote deel van hun pensioen met de rekenleeftijd 65 jaar heeft opgebouwd. Sinds 1-1-2014 is de richtleeftijd 67 en per 1 januari volgend jaar dus 68 jaar.

Op 13 december 2017 organiseert de VHP2 een netwerkbijeenkomst met verschillende thema’s. Een van de thema’s die we met onze gasten bespreken is pensioen. De gerenommeerde columnist en pensioenautoriteit Theo Gommer zal zijn visie op het pensioenstelsel over het voetlicht brengen.

Wie over deze blog met mij van gedachten wil wisselen kan bellen (06-52698581) of mailen (jorg.sauer@vhp2.nl). 

20 oktober 2017

Jörg Sauer